Home » Rechtsgebieden » WSNP » Schuldhulpverlening

WSNP

Schuldhulpverlening

Algemeen

Heeft u problematische schulden, dan staan er verschillende wegen open om tot een oplossing te komen. Een belangrijk en veel voorkomend hulpmiddel is het minnelijk akkoord tussen schuldenaar en schuldeiser(s) over gedeeltelijke aflossing van de schulden. Hieronder treft u meer informatie aan over het akkoord en de diensten die BoutOveres u kunnen bieden bij het sluiten van een minnelijk akkoord.

 

Onderhands
 

De minnelijke regeling vormt vaak het startpunt van een schuldsanering. Doel daarvan is een onderhands akkoord te sluiten tussen schuldeisers en schuldenaar over gedeeltelijke aflossing van de schulden.

Om zo'n onderhands of minnelijk akkoord te bereiken kan een schuldenaar aankloppen bij een schuldhulpverlener. Deze helpt hem de schuldenlast in kaart te brengen en te berekenen welk voorstel gedaan kan worden aan de schuldeisers. Vaak is dit een percentageaanbod tegen finale kwijting. De schuldeisers krijgen met andere woorden een deel van de vordering uitbetaald en schelden het restant dan kwijt. Aanvaarden ze dat voorstel, dan is sprake van een minnelijk akkoord. Als de schuldenaar de gemaakte afspraken nakomt, is hij na betaling van het overeengekomen bedrag schuldenvrij.

  

Afwijzing akkoord
 

Schuldeisers hebben de vrijheid het minnelijk akkoord af te wijzen, bijvoorbeeld omdat ze de aangeboden aflossing te laag vinden of omdat ze vinden dat de schuldenaar geen gedeeltelijke kwijtschelding verdient.

In sommige gevallen kan de schuldenaar dan een verzoek tot een dwangakkoord indienen om de weigerachtige schuldeisers te dwingen in te stemmen met het akkoord.

Indien een verzoek tot dwangakkoord wordt afgewezen, kan de schuldenaar bij de rechtbank een verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsanering (WSNP) indienen. Bij de beoordeling van het verzoekschrift hoort de rechtbank de schuldeisers niet, maar beoordeelt zij aan de hand van een aantal wettelijk verplichte bijlagen de situatie. Daarbij is onder meer van belang of een minnelijk akkoord daadwerkelijk is aangeboden en afgewezen. Is dat  niet het geval, dan kan de rechtbank de schuldenaar vragen alsnog een minnelijk akkoord aan te bieden. Wijst zij het verzoek toe, dan volgt eveneens (meestal) een periode van drie jaar waarin de schuldenaar zoveel mogelijk geld beschikbaar stelt voor aflossing. Een door de rechtbank benoemde bewindvoerder ziet toe op de gang van zaken. Na afloop van deze periode wordt eerst een deel van de kosten voor de schuldsanering uit het opgespaarde bedrag betaald. Pas daarna volgt uitdeling aan de schuldeisers. Tot de genoemde kosten horen onder meer een salaris, porto- en reiskosten van de bewindvoerder. Wat overblijft (de afloscapaciteit) is meestal niet genoeg om de schulden helemaal te betalen. De schuldeisers kunnen het restant van de vordering echter niet meer innen.

  

Minnelijk akkoord voordeliger
 

In de regel is de aflossing aan schuldeisers in de wettelijke regeling lager dan bij een minnelijk akkoord. Zij hebben er dus baat bij in te stemmen met een minnelijke regeling. Maar ook voor de schuldenaar is een minnelijk akkoord aantrekkelijker. In de wettelijke regeling wordt namelijk zijn naam gepubliceerd en wordt een bewindvoerder benoemd die controleert of alles correct verloopt, toestemming moet geven voor bepaalde handelingen en die alle post van de schuldenaar krijgt en leest.

De kans dat de ondernemer zijn bedrijf kan behouden is groter, ook als dat via de omweg van een wettelijke schuldregeling gaat. Zonder akkoord dient hij in de WSNP het bedrijf vrijwel altijd te beëindigen.

 

Procedure bij BoutOveres
 

BoutOveres helpt de schuldenaar bij het opstellen van een minnelijk akkoord. Hierbij dient de schuldenaar zelf te zorgen voor een saneringskrediet. Een gemeentelijke krediet- of andere bank, familie of kennissen leent dan aan de schuldenaar het bedrag dat hij gebruikt om de schuldeisers aan te bieden. De schuldeisers krijgen in dit geval direct hun geld.

In geval van afwijzing van het minnelijke akkoord, kan BoutOveres de schuldenaar helpen een verzoek tot dwangakkoord in te dienen.

Voorts kan BoutOveres de schuldenaar bijstaan bij het verzoek tot toelating tot de WSNP.

De hoogte van het uiteindelijke salaris voor de schuldhulpverlener is afhankelijk van de totale schuldenlast en het aan te bieden saneringskrediet. Men moet in ieder geval rekening houden met een minimum salaris van € 1.000,-.

Om zeker te zijn dat het minnelijk akkoord zal slagen dient de schuldenaar te trachten meer geld voor de schuldeisers beschikbaar te stellen dan uiteindelijk in een WSNP gespaard zou kunnen worden. De schuldhulpverlener is in staat dit voor de schuldenaar te berekenen.
 

Wie u direct verder kunnen helpen?

dhr. J.A. Vries